naar top
Menu
Logo Print

Interview Samanta Allen van NYC Potty Training

De Amerikaanse Samantha Allen, oprichtster van NYC Potty Training, is gespecialiseerd in de zindelijkheidstraining van peuters.

Hoe merk je dat het kind er klaar voor is?

De ontwikkelingsfase waarin het kind zich bevindt, is belangrijker dan de chronologische leeftijd. Een kind moet al naar de badkamer kunnen stappen, zijn/haar broek naar beneden trekken en op een toiletpotje kunnen zitten. Het kind moet ook al droog kunnen blijven gedurende twee uur en het besef tonen dat het weet wanneer het naar het toilet moet, denk maar een specifieke houding aannemen, het verbaal uiten, privacy opzoeken om naar het toilet te gaan …

Wordt het aangeraden om een toiletpotje in huis te hebben voordat men begint met de training?

Volgens mij zou het kind het potje enkel mogen gebruiken om naar het toilet te gaan. Als het kind met het potje speelt of erop zit zonder het te gebruiken, kan dit een verwarrende boodschap sturen naar het kind over de verwachtingen die men heeft wanneer het op het potje gaat.

Heeft het uitzicht van het potje een invloed op het gedrag van het kind?

Hoe kleuriger en plezieriger het potje is, hoe meer het wordt gezien als speelgoed, en dan is het volgens mij ongemakkelijk voor de peuter wanneer het in dat potje zijn behoefte moet doen. Een eenvoudig, functioneel potje is volgens mij het meest comfortabel en het minst afleidend om te gebruiken. Een jong kindje van achttien maanden zal misschien gemotiveerd zijn door de muziek of de verlichting die het toiletpotje maakt, maar als dit de enige stimulans is, dan is het mogelijk dat de peuter ermee stopt wanneer het nieuwe eraf is.

Wat is er belangrijk bij het kiezen van een toiletpotje?

Zelf gebruik ik nooit een potje wanneer ik kinderen zindelijkheidstraining geef, maar in het geval dat men wel een potje gebruikt, moet men ervoor zorgen dat het de juiste hoogte heeft, dat wil zeggen, dat het kind er zelfstandig op kan zitten. Zelf train ik kinderen altijd op een gewoon toilet met een toiletverkleiner. Een klein trapje moet altijd voor het toilet staan, zodat het kind er gemakkelijk zelf op en af kan om naar het toilet te gaan. Ook is het cruciaal dat de voetjes op het trapje kunnen steunen. Ten slotte heeft een ideale toiletverkleiner een ingebouwde spatrand voor zowel jongens als meisjes.Alles-in-één potjes hebben als voordeel dat ze plaatsbesparend zijn, en er moet slechts één keer geïnvesteerd worden

Een spatrand vooraan is zowel voor jongens als voor meisjes aan te raden om ongelukjes te vermijden. Een toiletverkleiner met handgrepen heeft als voordeel dat de peuter zich kan vasthouden, en het zorgt voor een betere zithoudin. Een goed potje biedt voldoende steun aan de rug en aan de voetjes van het kind, zodat het stabiel kan zitten. Opstapjes met twee treden zijn handig bij erg jonge of kleine kinderen.Bij toiletpotjes voor op reis spelen de lichtheid en de compactheid een doorslaggevende rol. Antislip verhindert dat de peuter bij het wiebelen per ongeluk de toiletverkleiner verschuift